Begrippen

Bijzondere bepalingen (§ 1.4)
Verbouw en rechtens verkregen niveau
Verbouw is het;

  • geheel vernieuwen; vervangende nieuwbouw, bouwwerk tot op fundering gesloopt en herbouwd, dit hoeft niet identiek aan oorspronkelijke bouwwerk te zijn
  • gedeeltelijk vernieuwen; gedeelte gesloopt en herbouwd, ook casco laten staan (hoogwaardige renovatie), hoeft niet identiek te zijn
  • vergroten; omvang neemt toe waardoor contour wijzigt
  • veranderen; aanpassen van een bouwwerk zonder dat contouren wijzigen

Bij verbouw zijn in beginsel voor constructie onderdelen en installaties (veiligheid en gezondheid) de voorschriften voor te bouwen bouwwerken van toepassing (art.1.12).

Bij verbouw zijn voor de hoofdstukken 2 t/m 5, als er geen artikelen voor verbouw zijn opgenomen, de nieuwbouweisen van toepassing (niet vaak het geval, over het algemeen wordt uitgegaan van het rechtens verkregen niveau).
In een aantal gevallen is er een ondergrens aangegeven tussen nieuwbouw en bestaande bouw in;

  • art.2.5, sterkte van een bouwconstructie (niet bij brand) waarbij NEN 8700 geldt
  • art.2.12, tijdsduur van bezwijken van een bouwconstructie bij brand waarbij voor buitengewone belastingcombinaties de NEN 8700 geldt
  • art.2.86, WBDBO ter beperking van uitbreiding van brand 30 min
  • art.4.4, hoogte van ruimten, resterende hoogte min 2100 ipv 2600 mm zodat tussenvloer mogelijk is
  • art.5.6, thermische isolatie ondergrens van 1,3 m2K/W voor dichte delen

Voor hoofdstuk 6 is algemeen bepaald dat het rechtens verkregen niveau van toepassing is.

Als rechtens verkregen niveau is het kwaliteitsniveau dat;

  • bij een bouwwerk feitelijk aanwezig is voor de verbouw
  • naar onderen is begrensd door het niveau van bestaande bouw
  • naar boven begrensd is door het niveau van nieuwbouw

De delen die niet gewijzigd worden hoeven niet aan de eisen van verbouw te voldoen, daar geldt bestaande bouw.

Gewoon onderhoud, zoals het vervangen van een kozijn die qua afmetingen en uiterlijk gelijk blijft, is onderhoud en daar is geen omgevingsvergunning voor bouwen nodig. Wel is dit verbouw en dient  daarom aan de eisen voor bestaande bouw te voldoen.

Monumenten
We spreken van een monument als;
het valt onder art.1 van de Monumentenwet 1988 (landelijk monument)
een gebouw door een gemeentelijke of provinciale verordening is aangewezen als monument

In pricipe gelden voor de verbouw van een monument dezelfde eisen als bij verbouw tenzij er voor het monument andere voorschriften gelden (art.1.13). Deze voorschriften worden dan opgenomen in de omgevingsvergunning.

Gebruiksmelding (§ 1.5)
Gebruiksmelding nodig als;

  • in een gebouw tegelijkertijd meer dan 50 mensen gaan verblijven (geldt niet voor een woongebouw)
  • een woning kamergewijs wordt verhuurd
  • door gelijkwaardigheid aan de brandveiligheidseisen van het gebruiksbesluit wordt voldaan

Zodra een bouwwerk in gebruik wordt genomen is het een bestaand bouwwerk.
De gebruiksbestemming van het gebouw mag zonder verbouwing worden gewijzigd mits het voor de nieuwe functie voldoet aan de eisen voor bestaande bouw. Is dat niet het geval dan moet er verbouwd worden en dient het gebouw aan de eisen voor verbouw te voldoen.

Een gebruiksmelding wordt min 4 weken voor ingebruikname schriftelijk of digitaal ingediend bij het bevoegd gezag.

Procedure bouwwerkzaamheden (§ 1.6)
Tijdens het bouwen zijn op het werk aanwezig;

  • de vergunning voor het bouwen
  • bouwveiligheidsplan (artikel 8.3)
  • afschrift van besluit volgens artikel 13/13a/14 (bodembescherming)
  • overige van belang zijnde vergunningen en ontheffingen

Er wordt niet met bouwen begonnen voordat door of namens het bevoegd gezag de rooilijnen en het straatpeil is uitgezet.

Twee werkdagen voor aanvang bouw (en graafwerkzaamheden) en op de dag van beëindiging van de werkzaamheden wordt het bevoegd gezag geïnformeerd.

Sloopmelding (§ 1.7)
Er is een sloopmelding nodig als er > 10m3 sloopafval wordt verwacht of er asbest wordt verwijderd.
(Uitzondering hierop is als er door een gespecialiseerd bedrijf kleine asbesthoudende zaken verwijderd worden).

Een sloopmelding wordt min 4 weken voor aanvang schriftelijk of digitaal ingediend bij het bevoegd gezag.
Hiervan kan worden afgeweken, er wordt dan een termijn van 5 dagen gehanteerd als;
Als het reparatie betreft aan asbesthoudende onderdelen
Als de 4 weken termijn leidt tot onnodige leegstand of belemmering van het gebruiksgenot.

Een sloopmelding bevat;

  • wie de eigenaar is, waar er gesloopt wordt en wie er sloopt (wie er sloopt mag 2 dagen voor aanvang)
  • wanneer de sloopwerkzaamheden zijn en een beschrijving daarvan
  • sloopveiligheidsplan indien nodig (artikel 8.3)
  • rapport akoestisch onderzoek indien nodig (artikel 8.4)
  • rapport trillingsonderzoek indien nodig
  • inventarisatie hoeveelheid sloopafval
  • rapport asbestinventarisatie indien nodig op grond van Asbestverwijderingsbesluit 2005, als er tijdens sloop nog meer asbest wordt ontdekt wordt dat direct gemeld.

Twee werkdagen voor aanvang sloop en op de dag van beëindiging van de werkzaamheden wordt het bevoegd gezag geïnformeerd.